Salon
# 4, 5 januari 2008 Foto's
Boudewijn Payens
heeft als onderwerp voor de 4e salon zich de vraag gesteld: ‘kan
ik mij vernieuwen’?
B. begint het
gesprek met een toelichting op zijn vraag en stelt dat hij niet
direct uit is op een antwoord, hij wil eerder de relevantie van
de vraag onderzoeken. Vervolgens wil hij kijken hoe vernieuwing
zich tot het begrip vrijheid verhoudt. B. meent dat het van belang
is om vrij te zijn en daardoor in staat de tijdsgeest waar te
nemen. En dat maakt mogelijk veranderingen als kunstenaar toe
te staan.
Een andere vraag
die opkomt, is of je jezelf kunt ontkoppelen van je blauwdruk
en identiteit om voorkomen dat je in herhaling valt.
Hoe kunnen we gedrag zo maken dat je je vernieuwt en daarop volgt
de vraag; is elke ontwikkeling wel een vernieuwing? Welke interventies
zijn noodzakelijk om je verwachtingspatroon te buigen. Met interventie
wordt hier een bewuste ingreep bedoeld als onderdeel van het maakproces.
Voor B. zijn de resultaten secundair en processen primair.
Hier komt de
discussie op gang als iemand van de groep meent dat externe factoren
wel degelijk van belang zijn betreffende de resultaten en de uitingen
van de kunstenaar. Is geld als externe factor van belang. Indien
we genoeg geld hebben, schilderen we dan nog wel? Of: indien men
een ander medium, drager, gebruikt komen we dan ook niet tot veranderingen?
De Cobragroep
blijkt een goed voorbeeld van een sterke visuele verandering.
Elke kunstenaar van de Cobragroep heeft op individueel niveau
een verandering ondergaan en het totaal aan individuen heeft de
Cobragroep meerwaarde opgeleverd. Een collectieve verandering
van binnenuit als gevolg van synergie.
B. stelt zich
de vraag of die processen ook voor een individu kunnen opgaan.
Iemand uit het publiek stelt dat het niet wenselijk kan zijn een
vernieuwing aan te gaan. Indien je al een goede naam en een goede
clientèle hebt opgebouwd, ben je dan wel zo bereid te veranderen?
B. zegt; wanneer het om het geld gaat is verandering mogelijk
niet wenselijk, wanneer het om ontwikkeling of groei gaat, wel.
Iemand anders
uit het publiek stelt dat in de evolutie psychologie mensen in
traumatische ervaringen hun vertrouwde grenzen doorbreken om te
overleven. B. wordt gevraagd of het mogelijk is om individueel
veranderingen te forceren door andere autonome disciplines te
combineren en daarmee vertrouwde grenzen te doorbreken in het
maakproces. Volgens B. is daar moed voor nodig en een vrij ego,
een ego wat het maakproces en samenwerking niet in de weg staat.
Daar is niet iedereen het mee eens! Ego wordt door B. gezien als
iets wat het creatieve proces behoorlijk in de weg kan zitten.
Anderen menen dat ego synoniem is aan wilskracht en menen juist
dat elke kunstenaar geacht wordt een groot ego te bezitten. (Bezat
Andy Warhol nu wel of geen groot ego?)
Tijdens de afsluiting
zijn de volgende vragen geformuleerd die we ons zelf kunnen blijven
stellen:
Hoe kan vrijheid
zegevieren?
Op welke manier kan ik op mijzelf vertrouwen?
Hoe kan ik vrijheid aan een grote dosis moed koppelen?
Hoe moet ik mijn angsten overwinnen?
Hoe trek ik de dingen naar me toe die nodig zijn voor het maakproces?
En ten slotte: wil ik wel veranderen?
Door:
Wilma Wegert